Abderrahman de Jong: ‘De terrorismeafdeling is een mentale marteling’

Google Maps screenshot van de gevangenis in Vught waar een van de twee Nederlandse gevangenissen met een terrorismeafdeling is.

Sinds de oprichting van de eerste terrorismeafdeling (TA) in Vught zijn er kleine verbeteringen ingevoerd. Volgens Amnesty en het Open Society Justice Initiative (OSJI) zijn die veranderingen echter niet voldoende. Volgens hen is het regime op de TA’s onmenselijk en in strijd met de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Abderrahman de Jong, die in beide TA’s gezeten heeft, vertelt hierover in een interview.

Rapport

Dit staat in een rapport (pdf) dat in oktober door Amnesty en het OSJI is uitgebracht. Ze formuleerden zeven probleempunten en een lijst van aanbevelingen voor het Ministerie van Veiligheid en Justitie. Want het is de politiek die bepaalt dat terrorismeverdachten en -veroordeelden onder dit regime gehouden moeten worden.

Abderrahman de Jong zat in 2015 een maand op de TA in Vught en daarna zeven maanden op de terrorismeafdeling van De Schie in Rotterdam. Hij was in 2013 korte tijd in Syrië geweest en weer teruggekeerd.

H: Hoe ervoer je die straf?
AdJ: “Het was vooral mentaal soms zwaar, je wordt in alles beperkt en het gevoel dat je onrecht wordt aan gedaan is groot. Als je bijvoorbeeld naar beneden kijkt vanuit je celraam op TA de Schie dan zie je de luchtplaats van de reguliere afdelingen. Zij luchten soms 3x per dag, en dan te bedenken dat er onder hen pedofielen en echte moordenaars zitten. Als je dan terugdenkt aan hoe je zelf behandeld wordt, als verdachte zijnde, zonder enig bindend bewijs, dan kan dat erg confronterend zijn.

H: Welke impact had het op je familie?
AdJ: “Voor mijn familie was het verschrikkelijk om mij zo te zien. Ook ik beperkte het fysieke contact met hen vanwege de visitaties die daarbij zouden komen kijken voor mij. Voor een moeder die graag haar zoon wil vasthouden is dat hartverscheurend. Mijn zoon was destijds 2 jaar en mijn dochter een halfjaar. Zij heeft er niks van mee gekregen maar mijn zoontje heeft er verlatingsangst door ontwikkeld. Hij kan zich gek genoeg nog steeds veel van die periode herinneren. Ook voor mijn vrouw was het uiteraard erg moeilijk: zij stond overal alleen voor.”

Beleid moet veranderen

In januari van dit jaar werd de Jong benaderd met de vraag of hij mee wilde werken aan het onderzoek van Amnesty en het OSJI naar het beleid op de terrorismeafdelingen. Hij stemde in met de hoop dat de uitkomst positief zou zijn. De Jong vindt het regime op de terrorismeafdeling contraproductief. Omdat Amnesty zowel deskundigen op het gebied van mensenrechten en strafrecht als ervaringsdeskundigen heeft gesproken meent hij dat beleidsmakers dit rapport serieus moeten nemen.

Abderrahman de Jong: “Ook vooral nu de discussie heel erg speelt over hoe om te gaan met radicalisering en extremisme en het feit dat er volgens sommige een nieuwe stroom ‘Syriëgangers’ terug gaat komen, is het belangrijk om het beleid van de TA met spoed te veranderen. Vele deskundigen roepen al jaren dat het plaatsen van verdachten met een terroristisch oogmerk onder deze omstandigheden juist averechts werkt. Dit is ook wat veel (ex)TA-gedetineerden zelf zeggen. Op deze manier creëren zij juist meer haat jegens de maatschappij en overheid. Daarnaast is het ook gewoon erg vreemd dat je als verdachte of zelfs als (onherroepelijk) veroordeelde moeten leven onder zulke omstandigheden. En dan te bedenken dat je vandaag daar bent, maar morgen opeens weer buiten staat en werk moet gaan zoeken, zonder enig traject richting integratie of wat dan ook te hebben gehad.”

Eenzame opsluiting

Als een gedetineerde 22 uur of langer in de cel moet blijven heet het eenzame opsluiting. Dit mag niet langer dan vijftien dagen achtereen. In de terrorismeafdelingen worden gedetineerden echter maandenlang gemiddeld 19 – 21,5 uur per dag alleen in de cel opgesloten. Officieel wordt de norm net niet overschreden, maar het effect is niet minder verwoestend en gevangenen geven aan erg te lijden te hebben onder dit regime. Extreem lange isolatie wordt beschouwd als een vorm van martelen.

In twee gevallen zaten gedetineerden zes maanden alleen op de TA: een in Rotterdam en de ander in Vught. Ze werden niet bij elkaar op de afdeling geplaatst. Na zes maanden werd erkend dat dit niet in samenspraak was met de Europese Rechten van de Mens. De gevangene op TA in De Schie mocht daarop eens per dag luchten met gevangenen van een andere afdeling. Voor de gevangene in Vught werd niets geregeld.

Seksuele intimidatie

Gevangenen worden intimiderend behandeld als ze bezoek krijgen. Dan moeten ze, zowel heen als terug, zich volledig uitkleden om overal betast te worden bij wijze van controle. Soms zijn er bewaarders van het andere geslacht bij aanwezig. De controles zijn nutteloos, omdat gevangenen en hun bezoek elkaar niet mogen aanraken op het schudden van handen na, afgeluisterd en geobserveerd worden. Deze handelingen worden eufemistisch ‘visitatie’ genoemd. Visitaties zouden alleen plaats mogen vinden als er een sterk vermoeden is van smokkelen, of wanneer er sprake is van een concrete bedreiging.

Verdachten moeten ook naar de terrorismeafdeling

Wie opgepakt wordt voor aan terrorisme gerelateerde zaken gaat naar de terrorismeafdeling. Ook verdachten, mensen die dus nog niet door een rechter veroordeeld zijn, moeten naar de TA. Zij kunnen dit besluit niet of nauwelijks aanvechten. Wanneer ze bij nader inzien onschuldig blijken te zijn, is de ervaring niet meer uit te wissen. In een onderzoek uit 2011 stelt Tinka Veldhuis dat gedetineerden op de TA juist (verder) kunnen radicaliseren. Ook de Jong zegt dat: “Als zo een persoon na een jaar of langer in zulke omstandigheden [op de TA] te hebben geleefd wordt vrijgelaten, is het niet bijzonder als hij meer afkeer heeft gekregen jegens deze overheid en samenleving.”

“Als je op sociale media ziet hoe er over hen gesproken wordt‚ dan word je daar niet blij van”

Yola Wanders geeft leiding aan de terroristenafdeling in Vught. Dat terrorismeverdachten onder een onmenselijk regime vastgehouden worden is een besluit van de politiek. Hirsch Ballin (CDA) tekende er als eerste voor. Over wat er met gedetineerden na hun straf zou moeten gebeuren werd niet echt nagedacht, volgens Wanders.  “We moesten zorgen dat gevangenen veilig binnen bleven. Ze werden apart gezet zodat ze geen andere gedetineerden konden rekruteren.” Wanders zou het beleid wel willen aanpassen, maar de politiek beslist en heeft kennelijk geen haast. Verbeteringen als bodyscanners in plaats van ‘visitaties’ zijn al sinds 2013 mogelijk, maar nog steeds niet ingevoerd.

H: Terugkeren in de maatschappij, hoe doe je dat?
AdJ: “Terugkeren in de maatschappij doet iedereen op een andere manier, ik was bijvoorbeeld erg gemotiveerd om mijn gezin weer te kunnen onderhouden en hun uit hun emotionele periode te kunnen helpen. Wel wordt het voor een terrorismeverdachte erg moeilijk gemaakt. Vaak is er media aandacht op je gevestigd en je komt niet meer in aanmerking voor een VOG. Ook is het niet een normale doelgroep die de gemeente op een professionele manier kan bijstaan in een traject naar school en werk, wat ze bijvoorbeeld wel doen bij ‘normale’ ex-gedetineerden. Ik stond er dus behoorlijk alleen voor en heb mijn weg moeten vinden. Tot de dag van vandaag heb ik nog steeds last van het feit dat ik mij niet kan aanmelden voor bepaalde opleidingen omdat ze een VOG vragen.”

Onze terugkerende Syriëgangers en de nationale volkswoede

Ze moeten ze ophangen … laat ze wegrotten in een Syrische gevangenis … ze verdienen de doodstraf … knal ze bij de grens af …

Terugkerende Syriëgangers lijken niet op veel genade te kunnen rekenen bij de mensen die op de Facebook van de Nieuwe Maan reageerden onder een aankondiging van een item over terugkeerders. Erg fijnzinnig gaat het er daarbij niet aan toe, met doodsverwensingen en andere middeleeuws aandoende suggesties. Continue reading “Onze terugkerende Syriëgangers en de nationale volkswoede”